‘Een winterslaap voor reptielen is noodzakelijk’

Geplaatst op 28 november 2016 om 16:57

De dagen worden steeds minder lang en de temperatuur zakt verder terug. Koning Winter is in aantocht. Het winterseizoen betekent voor sommige dieren tijd voor een grote winterslaap. Dit geldt vooral voor de reptielen, dierverzorger Dik Eenink stopt hen in bed. “De reptielbewoners van DierenPark Amersfoort komen voor een deel van oorsprong voor in gematigde klimaatgebieden, zoals Europa en Noord-Amerika. In deze gebieden ligt de temperatuur in de winter lager dan in de zomer. In de warme maanden zijn de dieren zeer actief: zij paren, leggen eieren en gaan op zoek naar voedsel. Dat is intensief en vergt van veel hun energie. Stel dat deze reptielen het hele jaar door deze prikkels zouden krijgen, dan raken zij op een gegeven moment uitgeput. Daarnaast zitten er in de winter geen bladeren aan de bomen en zijn de insecten vertrokken: geen voedsel dus. Allemaal redenen waarom een winterslaap voor deze soort dieren noodzakelijk is.”

10-dik-eenink-een-winterslaap-voor-reptielen-is-noodzakelijk-2-gilamonsterDik doet de deur open van de slaapkamer van de halsbandleguanen: “Deze reptielen leven normaal in een omgevingstemperatuur van zo’n 35 graden, maar nu slapen zij in de koelte van 6 graden. Iets verderop liggen de chuckwalla’s (grote hagedissoort) die in de winter van 35 naar 18 graden teruggaan.” De afbouw naar een lagere temperaturen gaat niet in één keer: “Nee, dat verloopt in fases. Niet alleen de temperatuur verandert overigens, maar ook het aantal zonuren. De gilamonsters bijvoorbeeld. Zij genieten  in de maand augustus nog van veertien uur zon, in september van tien, oktober acht en in november gaat het licht helemaal uit. Net als voor ons, worden ook de dagen voor deze dieren steeds korter.”

Voor Dik en zijn collega’s zit een winterslaap er niet in: “Nee, ik blijf goed de temperatuur en de reptielen monitoren. Over twee maanden maken wij hen weer zachtjes wakker. De dieren zijn dan volledig uitgerust, helemaal opgeladen en leggen soms binnen twee weken alweer eieren. Een goed teken! Geen reden tot verveling dus. Gelukkig maar!”